
Hoe kook je op een rookvrije vuurkorf?
, door Judith Kauffmann, 24 min lezen

, door Judith Kauffmann, 24 min lezen
Een rookvrije vuurkorf is ontworpen om hout zo volledig mogelijk te verbranden, en brandt daardoor een stuk heter. Die warmte is prettig op een koele avond, maar bij het koken werkt hij net even anders dan een gewone vuurkorf. Begin je te snel, dan sta je boven laaiende vlammen. Leg je te veel hout bij, dan verbrandt je eten voor je het doorhebt.
Er zijn drie dingen die het verschil maken, en die lichten we in dit artikel toe, van het bouwen van het juiste vuur tot het moment dat de eerste hamburger op het rooster gaat.
Hoe de secundaire verbranding werkt en waarom dit type vuurkorven zo weinig rook geeft, lees je in Hoe werkt een rookvrije vuurkorf?. Hier gaat het puur over koken.
In de praktijk hoef je je maar aan drie vuistregels te houden.
Goede voorbereiding. Wacht tot het vuur rustig brandt en er een laag gloeiende kolen ligt. Dan is de temperatuur ideaal om op te koken.
Rustig bijstoken. Door de hoge efficiëntie stook je tijdens het koken voorzichtiger dan je gewend bent. Doe je dat niet, dan is de kans groot dat je eten verbrandt. Dat geldt zeker als je op een grillrooster kookt.
Erbij blijven. Een biefstuk of iets anders lekkers dat boven het vuur ligt, vraagt om aandacht tijdens het bereiden.
Voor de basis heb je niet veel nodig, maar kies wel voor kwaliteit. Met degelijk gereedschap dat tegen hitte en buitengebruik kan, kook je een stuk prettiger.

Tip: aanmaakhoutjes kloof je veilig en snel met de Stikkan houtklover. Deze gietijzeren klover uit Zweden hang je binnen of buiten aan de wand.
Berkenhout is ideaal om op te koken. Het brandt rustig en geeft stabiele warmte zonder veel vonken, en dat laatste is precies wat je wilt als er ingrediënten boven liggen. Vermijd naaldhoutsoorten die veel vonken, zoals vuren.
Het hout moet daarnaast echt droog zijn, een vochtgehalte van twaalf tot achttien procent is ideaal. Wil je zekerheid, gebruik dan een vochtmeter in de kern van een doormidden gekloofd blok. Onder de twintig procent is de norm.
Stook verder met klein gekloofd hout. Dat geeft goede vlammen met weinig rook, terwijl dikke blokken eerder gaan smeulen en juist voor rook zorgen. Klein gekloofd hout brandt bovendien gelijkmatiger en geeft meer gloed, en dat is waar het bij koken om draait.
Houtbriketten zijn gemaakt van geperst zaagsel en hebben een veel lager vochtgehalte dan brandhout, zo rond de vijf procent. Met name onze Eco Rond briketten gloeien langer, wat handig is bij langere bereidingstijden. Ze geven bovendien minder vonken en minder as.
Een vuur dat je stookt voor de sfeer is niet automatisch een vuur waar je fijn op kookt. Hoe je het hout stapelt bepaalt hoeveel gloed je krijgt en hoe gelijkmatig de warmte wordt verdeeld. Er zijn verschillende methodes, maar voor een vuurkorf zijn er twee die je moet kennen.
Een manier om de Blaze vuurkorf aan te steken.

Het piramidevuur gebruik je als basis om bijna elk vuur mee aan te steken, ook het pagodevuur. Je bouwt het van binnenuit op. Begin met een klein, luchtig hoopje berkenschors, houtkrullen of een paar aanmaakblokjes in het midden.
Zet daarna drie gekloofde aanmaakhoutjes als een piramide tegen elkaar en bouw verder met iets dikkere houtjes. Ga zo staan dat je het vuur afschermt tegen de wind voordat je aansteekt. Zodra het vuur goed brandt, leg je klein gekloofd hout tegen de piramide aan. Naarmate er meer gloeiende kolen ontstaan, kun je grotere blokken bijleggen.

Het pagodevuur geeft snelle warmte en is bij uitstek geschikt om op te koken. Leg eerst twee blokken van ongeveer vijf tot tien centimeter dik parallel neer, met ruime afstand ertussen. Leg daar twee nieuwe blokken dwars overheen.
Bouw vervolgens een klein en luchtig piramidevuur in het midden. Steek dat aan voordat je verder gaat, en stapel daarna nog twee lagen van twee blokken dwars op elkaar. Voed het vuur tussendoor met klein gekloofd hout.
Niet zodra de vlammen hoog staan. Wacht tot het vuur rustig brandt en je een goede laag gloeiende kolen hebt.
De eerste minuten geeft het vuur nog rook. Pas na ongeveer tien tot vijftien minuten is de lucht in de dubbele wand warm genoeg om de secundaire verbranding op gang te brengen, en dan neemt de rook af. Dat werkt alleen als er genoeg brandstof in de korf zit. Met te weinig hout komt de tweede verbranding niet op gang en blijft het een 'gewone' vuurkorf.
Stook vervolgens nog even door, want je hebt in totaal zo'n vijftien tot twintig minuten nodig voor voldoende gloed. Ligt er een dun laagje as op de kolen, dan is de temperatuur ideaal en gaat het rooster erop.

Een rookloze vuurkorf brandt door de secundaire verbranding extra heet, dus tijdens het koken stook je voorzichtig. Leg af en toe een houtje bij om de warmte op peil te houden, meer dan een of twee tegelijk is zelden nodig. Draag tijdens het grillen hittebestendige handschoenen.
Verder is het vooral een kwestie van opletten. Worstjes zijn in een handomdraai klaar, terwijl dikkere stukken vlees meer tijd nodig hebben om door en door gaar te worden. Keer het vlees regelmatig om en proef gerust tussendoor (dat is het voorrecht van de kok).
Naast bijstoken kun je de hitte regelen door de afstand tot het vuur te veranderen. Met onderstaand statief zet je het rooster een stand hoger, of je draait het deels van de vlammen weg. Het eten pakt dan nog steeds warmte mee, maar ligt niet meer recht boven het vuur, en dat is genoeg om iets rustig te laten doorgaren of warm te houden.
Hang je een pan of waterketel aan een driepoot, dan werkt de ketting hetzelfde. Een paar schakels hoger en het koken gaat vanzelf rustiger.
Met het Espegard Statief zet je je vuurkorf op een verrijdbare bodemplaat met een verstelbaar grillrooster erboven. Zo regel je de hitte door het rooster hoger of lager te zetten, en rol je het geheel eenvoudig naar een andere plek in de tuin. Het statief is geschikt voor vuurkorven tot 50 cm doorsnede, dus naast de Espegard Lue 40 en Brasa 50 ook voor modellen van andere merken zoals de Höfats MOON 45.
Bekijk het statiefOmdat een rookvrije vuurkorf extra heet wordt, raden we aan om te koken met gietijzeren kookgerei. Zulke pannen en potten zet je direct op het grillrooster, ze kunnen prima tegen die hitte.
Gietijzer is zwaar en houdt de warmte lang vast. Leg je er koud vlees in, dan zakt de temperatuur nauwelijks weg, en dat is precies wat je wilt bij aanbraden.
Een grillrooster heeft meerdere functies. Je grilt vlees, vis en groenten direct boven het vuur, en zet er je pan, een Dutch Oven of een ketel op. Een grillplaat met een vlak bakoppervlak vangt vocht en vet op, en is daarmee de betere keuze voor pannenkoeken, eieren, spek of roerbakgerechten.
Voor stoofpotjes, soep, chili, brood of zelfs appeltaart pak je een Dutch Oven. Die zet je direct op het rooster, of je hangt hem aan een driepoot boven het vuur.
Laat het rooster of de grillplaat eerst afkoelen en veeg het daarna schoon met een doekje en een beetje olie. Alles over het inbranden, schoonmaken en onderhouden van gietijzer staat in onze uitgebreide gids Dutch Oven: alles wat je moet weten over de gietijzeren pan.
Tip: dit scrubmatje is dé oplossing om eenvoudig en veilig je gietijzeren of smeedijzeren pan schoon te maken zonder schoonmaakmiddel.
Bij de Eld 50 zit het grillrooster al inbegrepen. Je stelt de hoogte zelf in en draait het rooster van het vuur weg wanneer je even geen hitte nodig hebt. Zo gril je snel boven de vlammen of gaar je langzaam boven de kolen. En draai je het rooster half weg, dan blijft eten dat klaar is warm terwijl de rest doorgaart. De uitschuifbare aslade vangt as en gloeiende resten op, zodat opruimen na het koken zó is gebeurd.
Bekijk vuurkorf met grillroosterGrillen op een vuurkorf geeft veel vrijheid in wat je maakt, en dat begint al bij het ontbijt.
Ontbijt: Spek, eieren, pannenkoeken of wentelteefjes op de gietijzeren grillplaat.
Lunch: Gegrilde groenten, brood met kaas of een simpele wrap van het rooster.
Diner: Hamburgers, worstjes, steaks, gemarineerde zalm, kipspiesen of groenten in folie. Of een stoofpot in de Dutch Oven als je meer tijd hebt.
Nagerecht: Gebakken appels, bananen in folie met chocolade, marshmallows of wafels op het rooster. Voor het recept en de techniek, zie Tosti's, popcorn en wafels boven het vuur.
Warme drank: Koffie, thee, chocolademelk of glühwein in een hangende ketel.


Gebruik voor vlees een gietijzeren pan met flink wat boter, of leg het direct op het rooster als je een stevige grillsmaak wilt.
Koken op een vuurkorf zonder rook werkt overal, op het terras thuis, bij het vakantiehuisje of ver weg in de bergen. Na het grillen stook je gerust door, zodat je van het eten geniet bij een warm vuur. Zorg alleen dat je genoeg hout hebt en dat het vuur helemaal is uitgebrand voordat je naar binnen gaat. Over veilige afstanden, de juiste ondergrond en stoken met kinderen in de buurt lees je meer in Hoe werkt een rookvrije vuurkorf?.
Reken op vijftien tot twintig minuten. De eerste minuten geeft het vuur nog wat rook, want pas na ongeveer tien tot vijftien minuten is de dubbele wand warm genoeg om de secundaire verbranding op gang te brengen. Dat gebeurt alleen als er genoeg brandstof in de korf ligt, en in een korf van 50 cm gaat er flink meer hout in dan in een kleiner model. Stook je te zuinig, dan blijft het gewoon een vuurkorf mét rook. Je begint met koken als het vuur rustig brandt en er een dun laagje as op de gloeiende kolen ligt, niet zodra de vlammen hoog staan.
Berkenhout is ideaal, omdat het rustig brandt en stabiele warmte geeft zonder veel vonken. Vermijd naaldhoutsoorten die veel vonken, zoals vuren. Gebruik hout dat goed droog en klein gekloofd is, want dat geeft goede vlammen met weinig rook en meer gloed. Houtbriketten zijn een geschikt alternatief met een nog lager vochtgehalte.
Kijk naar droogtescheuren in de kopse kant en let op het gewicht, want droge blokken voelen lichter aan. Dat blijven indicaties. Wil je het zeker weten, meet dan met een vochtmeter in de kern van een doormidden gekloofd blok. Onder de twintig procent is de norm.
Een grillrooster werkt prima voor eenvoudig grillwerk, zolang je goed oplet. Omdat een rookloze vuurkorf extra heet wordt, is gietijzer wel aan te raden. Pannen en potten van gietijzer zet je direct op het rooster, zijn tegen de hoge warmte bestand en houden de warmte lang vast. Een grillplaat vangt het vet op en is de betere keuze voor pannenkoeken, eieren of spek.
Stook tijdens het koken terughoudender dan je gewend bent. Eén of twee blokjes hout tussendoor is meestal genoeg om de warmte op peil te houden. Werk je met een statief of een driepoot, dan regel je de hitte door het rooster of de pan hoger te zetten, of door het rooster deels van de vlammen weg te draaien. Blijf er verder gewoon bij staan en keer je vlees regelmatig.
Niet elk model leent zich even goed voor buiten koken. Bekijk in ons overzicht alle modellen en maten en kies het formaat dat bij jouw tuin past.
Bekijk alle rookvrije vuurkorven